Conceptnota toekomst parochiekerk

Op 24 juni 2011 presenteerde Vlaams minister voor Binnenlands Bestuur en Onroerend Erfgoed Geert Bourgeois zijn conceptnota ‘Een toekomst voor de Vlaamse parochiekerk’, waarin een aantal concrete beleidsadviezen en beleidsopties met betrekking tot het beheer en de (re)valorisatie van de parochiekerk worden geformuleerd. Deze beleidsnota is gebaseerd op de aanbevelingen van drie werkgroepen, die elk een specifiek thema - beheer, financiën en reconversie- van de problematiek onder de loep namen.

Strategische benadering

In zijn nota richt de minister een uitnodiging aan de kerkgemeenschap om, in dialoog met de lokale besturen, na te gaan op welke wijze en in welke mate in de toekomst gebruik zal gemaakt worden van het kerkenbestand in Vlaanderen. De strategische benadering van de vraag is voor hem essentieel. Daarom wil hij dat er een visie ontwikkeld wordt voor het geheel van elk van de Vlaamse gemeenten. Hiervoor zal hij de positie van de centrale kerkbesturen wijzigen en aan dit orgaan effectieve beslissingsbevoegdheid geven namens de kerkfabrieken die er deel van uitmaken.

De minister vraagt in zijn nota aan de kerkbesturen om in het kader van het meerjarenplan 2014-2019 een strategische visie te ontwikkelen over het lokaal kerkenbestand van de gemeente. Deze visie bevat onder meer de waarde en toestand van het kerkgebouw, de omgeving waarin het zich bevindt, het actueel gebruik en de functie ervan en - in geval van neven-, mede- of herbestemming – de belangstelling van andere actoren.

Nieuwe beleidsinstrumenten

Subsidies voor restauratie van een geklasseerde kerk, worden afhankelijk gemaakt van het bestaan van een strategische visie op gemeentelijk niveau en het inschakelen van het kerkgebouw hierin.

Daarnaast wordt een nieuw beleidsinstrument ontwikkeld in het kader van de herziening van het decreet op het onroerend erfgoed, nl. het Onroerend Erfgoedrichtplan. In die plannen kijkt men ruimer dan een individueel gebouw, maar ontwikkelt men een sectorale visie en planning, bijvoorbeeld voor een bepaald geografisch gebied (wijk/gemeente/regio) of een thema (bv onroerend kerkelijk erfgoed).

De minister voorziet ook financiële stimuli om neven- of herbestemmingsprojecten mogelijk te maken. Bijvoorbeeld door een herbestemmingsstudie te subsidiëren (ook voor niet geklasseerde gebouwen zal dit mogelijk zijn) of de werken te subsidiëren die de herbestemming mogelijk moeten maken.

De overheid wil ook het opstellen van convenanten met betrekking tot het onroerend (kerkelijk) erfgoed bevorderen. Deze vorm van overeenkomst heeft als groot voordeel dat de planlast sterk verminderd wordt.

Links

De brief van minister Bourgeois aan de gemeentebesturen en aan de kerkfabrieken en centrale kerkbesturen in opvolging van zijn nota 

Verslag van de Gedachtewisseling over de Conceptnota in het Vlaams Parlement

Verslag “Parochiekerken in Vlaanderen” met de aanbevelingen van de drie werkgroepen