Nieuwsbrief

U bent hier

Slotsymposium Agenda Toekomst Religieus Erfgoed: ons verslag

Op 8 december 2016 vond in de Grote Kerk van het Nederlandse Naarden het Slotsymposium van de Agenda Toekomst Religieus Erfgoed plaats. De Agenda ging van start op 26 juni 2014 toen 20 organisaties op initiatief van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed zeven agendapunten ondertekenden die de aandacht vestigen op de Nederlandse kerken en kloosters. Het op de kaart zetten van de gebouwen en hun inboedel, het doorgronden van de ontwikkelrichtingen en het creëren van een toekomstperspectief was het opzet.

Begin deze maand werd de Agenda feestelijk afgesloten met een belangrijke boodschap: de betrokken partijen onderschrijven een gezamenlijke strategie om het Nederlands religieus erfgoed een duurzame toekomst te geven. Ook het CRKC was op deze bijeenkomst aanwezig. 

Het symposium startte met een terugblik en het overzicht van de opbrengsten van de agenda. Frank Strolenberg, programmamanager ATRE van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed geeft aan dat in de volgende jaren tot 95 % van de Nederlandse kerken zal sluiten. Vele kerken hebben nu al een nevenbestemming. Herbestemmingen zijn ook niet nieuw in Nederland. Maar volgens Strolenberg zijn die echter niet allemaal even wenselijk. Om die redenen werd de Agenda in het leven geroepen. Dit heeft vruchten afgeworpen. Naast de zeven agendapunten werd een digitaal platform in het leven geroepen. Er zijn meerdere symposia gehouden, onder andere over ‘Energieke kerken’, ‘inventief ondernemen’ en ‘plattelandskerken’. Er waren de projecten ‘Adopteer een kerk’ en ‘Open kerken en kloosters’. Met mooie en praktische publicaties reikt de agenda kerkbeheerders en kerkeigenaars concrete hulp aan. De problematiek komt ook op de politieke agenda terecht. De meest fundamentele opbrengst is volgens Strolenberg het ‘ontmoeten en verbinden’. Dit creëert een draagvlak dat nodig is om de toekomst van kerken en kloosters te verzekeren.

Mirjam Blott, projectleider Agenda Toekomst Religieus Erfgoed, zette het symposium verder met een voorstelling van de gezamenlijke strategie. Het zijn CIO-Kerkgebouwen, Federatie Grote Monumentengemeenten, Vereniging Beheerders Monumentale Kerkgebouwen en Bond Heemschut die samen met de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed en het Museum Catharijneconvent het gezamenlijk doel onderschrijven en de verantwoordelijkheden delen. Het versterken van een breed maatschappelijk draagvlak voor het religieus erfgoed is een centraal aandachtspunt. Men gaat werken rond drie thema’s: gebruik, expertise-ontwikkeling en kennisoverdracht, en differentiatie van waarden. Voor dit laatste thema zullen overheden in afstemming met de verschillende partners met een nieuwe blik en vanuit een breed belangenkader naar de waardering van gebouwen en hun interieurs kijken. Om de gezamenlijke strategie uit te werken zijn er 10 actiepunten opgesteld. Het beter toegankelijk maken van de wet- en regelgeving en het in dienst stellen van voortgezet gebruik of herbestemming is een belangrijk actiepunt. Ook het bundelen van kennis- en expertise rond roerend en onroerend religieus erfgoed in één kenniscentrum/expertisenetwerk staat op het programma. Het bundelen van die expertise kwam er in Vlaanderen al in 2011 op initiatief van Minister Bourgeois door het Centrum voor Religieuze Kunst en Cultuur ook een rol te geven op vlak van onroerend religieus erfgoed naast de bestaande werking rond roerend religieus erfgoed.

Een uitgebreid verslag van het symposium is te verkrijgen via dimitri.stevens@crkc.be.