Waarom een kerkenbeleidsplan?

De lokale kerkelijke en gemeentelijke overheden hebben van de Vlaamse overheid de opdracht gekregen om samen een globale visie op te maken over het gebruik van de parochiekerken in hun gemeente. Het kerkenbeleidsplan vindt zijn oorsprong in de conceptnota van minister Bourgeois, “Een toekomst voor de Vlaamse parochiekerk” van 24 juni 2011. In hoofdstuk III “Oplossingsrichtingen” schrijft de minister in punt 3.1 over “Het uitwerken van een langetermijnvisie op de toekomst van de parochiekerken door de lokale actoren”. De minister schrijft in punt 3.4 dat hij “extra voorwaarden zal inbouwen voor het verkrijgen van subsidies voor onderhouds- of restauratiepremies voor beschermde en niet beschermde kerken”.

Het kerkenbeleidsplan wordt in de decreten omschreven als een “langetermijnvisie op de gebouwen van de eredienst” of als "kerkenbeleidsplan". In de conceptnota gaat het over “langetermijnvisie of strategische visie op de toekomst van de parochiekerken”. In het verleden was ook de term "parochiekerkenplan" in omloop. De algemene gangbare term vandaag is "kerkenbeleidsplan".

Naast het bestaan van een lokaal kerkenbeleidsplan als voorwaarde voor het verkrijgen van subsidies, zijn er nog andere redenen waarom het aanbevolen is een plan op te stellen. De toekomst van de parochiekerken is een dermate gevoelig thema dat het noopt tot eensgezindheid. Die eensgezindheid kan er enkel komen als resultaat van doorgedreven lokaal overleg in een sfeer van respect en vertrouwen. Het plan krijgt inhoudelijk vorm door lokaal overleg, rekening houdend met de lokale geplogenheden.

Een kerkenbeleidsplan kan dienen in allerlei beleids- en beheersplannen. Het kan een objectief beeld geven over het gebruik van de parochiekerken en alle gunstige en minder gunstige gevolgen die daaraan verbonden zijn.

Ook binnen de Kerk zijn een resem hervormingen aan de gang die parallel lopen met het opstellen van de kerkenbeleidsplannen. Tijdens de opmaak van pastorale plannen voor de nieuwe “pastorale eenheden”, “pastorale zones” of “nieuwe parochies” komt de vraag welke rol de verschillende kerken van de huidige parochies zullen spelen in deze grotere gehelen duidelijk ter sprake. Het kerkenbeleidsplan bouwt hierop voort.

Welke deadline voor een kerkenbeleidsplan?

Gemeentes die een restauratiedossier voor een beschermde kerk indienden vóór 1 januari 2015, dienen voor 1 oktober 2017 over een goedgekeurd kerkenbeleidsplan te beschikken. Zo niet, wordt hun dossier van de wachtlijst geschrapt en dienen zij een nieuwe aanvraag tot erfgoedpremie in te dienen volgens het nieuwe onroerenderfgoeddecreet: naast een kerkenbeleidsplan zal dan ook een beheersplan voor die specifieke beschermde kerk worden gevraagd. 130 gemeentes met een dossier op de wachtlijst dienen dus vóór 1 oktober 2017 over een goedgekeurd kerkenbeleidsplan (vormelijk op punt gesteld document, attest bisdom en gemeenteraadsbesluit) te beschikken. De 19 gemeentes met alleen niet-beschermde kerken en circa 150 andere gemeentes hebben iets meer tijd om een langetermijnvisie uit te werken. 

 

1. Wat is een kerkenbeleidsplan? >

2. Hoe moet een kerkenbeleidsplan eruit zien? >

3. Waarom een kerkenbeleidsplan?

4. Het kerkenbeleidsplan opstellen >

5. Het kerkenbeleidsplan in de praktijk brengen >

 

< Terug